Lees verder
Hoe is de band tussen familieleden die beiden als psycholoog werken? Het NIP laat moeders, dochters, vaders en zonen aan het woord over hun gespreksstof, relatie en familiedynamiek. In deze editie: moeder Erika Holtjer, (o.a.) gz-psycholoog en mediator, en haar dochter Joanne Muilerman, psycholoog en mediator.
Nederlands Instituut van Psychologen

Hoewel ze het beiden van tevoren eigenlijk niet voor mogelijk hielden, werken Joanne en Erika samen. Ze zijn collega’s binnen het door Erika opgerichte team Complexe Scheidingen van ggz-instelling INTER-PSY en staan kinderen en ouders of opvoeders bij.

Waarom zijn jullie zo geïnteresseerd geraakt in complexe scheidingen?

Erika: ‘Toen ik, na op diverse plekken gewerkt te hebben, op een gegeven moment een eigen praktijk had en als mediator werkte, zag ik hoe ontwrichtend scheidingen zijn, voor ouders en kinderen. Zelf ben ik ook gescheiden van de vader van Joanne. Ik weet wat voor ingewikkelde gevoelens en processen erbij komen kijken. Het werk raakt me dus, al kan het bij tijden ook zwaar en ondankbaar zijn, vooral als ouders verplicht worden vanuit de rechtbank of gezinsvoogd.’

Joanne: ‘Tijdens mijn studie ben ik omgangsbegeleider geweest bij complexe scheidingen. Ik zag hoe heftig de impact van een scheiding op het kind kon zijn. Daar wilde ik graag iet mee. En verder was de scheiding van mijn ouders een moeilijke periode, maar we zijn er goed uitgekomen samen. Ik gun het iedereen dat het uiteindelijk goed komt.’

Heeft jouw moeder een rol gespeeld in jouw keuze voor psychologie?

Joanne: ‘Ik wist nooit wat ik wilde studeren. Rechten en psychologie bleven vaak als opties ‘over’. Mijn moeder heeft daar nooit in gestuurd en de keuze bij mij gelaten. Toen ik ging studeren kreeg ik meteen het deksel op mijn neus. Hoewel het vwo mij gemakkelijk afging, was het nu niet meer voldoende om twee weken voor een tentamen pas te beginnen met studeren.’

Erika: ‘ Op de middelbare school deden anderen altijd al graag hun verhaal bij Joanne en dan kon ze zich goed openstellen zonder meteen te gaan adviseren. Daar zag ik wel een psycholoog in, maar het maakte me echt niet uit wat ze ging doen. Joanne zelf riep altijd dat ze vooral géén psychologie wilde studeren.’

Joanne: ‘Riep ik dat?’

Erika: ‘Ja. Later zag ik dat Joanne met tegenzin studeerde. Dat snapte ik wel. De studie is zoveel grootschaliger geworden, wij hadden veel makkelijker en meer contact met de docenten en met elkaar. Nu ben je veel meer op jezelf aangewezen.’

Hoe zijn jullie collega’s geworden?

Joanne: ‘Toen ik tijdens mijn studie een tijdje als secretaresse bij INTER-PSY werkte, werd mij weleens gevraagd of ik daar wilde werken na mijn studie, de gz-opleiding wilde doen. “Nee hoor, echt niet”, zei ik. Na mijn master Arbeids-, Organisatie- en Personeelspsychologie heb ik eerst een tijdje bij een uitzendbureau gewerkt in de recruitment. Ik durfde niet op banen te solliciteren waar ik de ervaring eigenlijk niet voor had, ik ben niet zo’n Pipi Langkous. Maar na twee jaar was ik toe aan meer uitdaging.’

Erika: ‘Ik had toen al eens gezegd dat ze best goed zou zijn in het werk wat je als psycholoog doet bij complexe scheidingen. Ik zag dat ze als omgangsbegeleider goede observaties maakte en goed met ouders en kinderen om kon gaan.’

Joanne: ‘Omdat de interesse voor de functie altijd was blijven hangen, heb ik toen de mediation-opleiding gedaan en ik begon met een werkervaringsplek bij INTER-PSY. Ik voelde me niet ervaren genoeg en moet soms een beetje aan de hand genomen worden.’

‘Ga je aan cliënten vertellen dat je moeder en dochter bent?’

Erika

Hoe ziet jullie samenwerking er nu uit?

Joanne: ‘In ons team werken we in tweetallen aan casussen, we werken dus ook geregeld écht samen.’

Erika: ‘Eerst dacht ik: we gaan echt niet samen in een duo hoor, maar organisatorisch is dat niet te doen.’

Joanne: ‘En het gaat gewoon goed.’

Erika: ‘Tot onze verrassing…’

Joanne: ‘Ja, tot die van jou, ik maakte me er niet zo’n zorgen over.’

Erika: ‘Ik vond het lastig om meerdere redenen. Ga je bijvoorbeeld aan cliënten vertellen dat je moeder en dochter bent? En stel dat er irritaties ontstaan op het werk, het zou jammer zijn als onze relatie daaronder moet lijden.’

En, vertellen jullie het?

Erika: ‘Nee. We hebben gemerkt dat het voor de professionele afstand beter is dat niet te doen.’

Joanne: ‘We hebben het volgens mij één keer gezegd omdat iemand iets door leek te hebben. En een andere keer bleek een van de betrokkenen ons via via te kennen. Later is dat tegen ons gebruikt, we zouden elkaar in bescherming nemen. Dat bevestigde dat het beter is het niet te vertellen, maar we gaan ook niet liegen natuurlijk.’ Ging het samenwerken vanaf het begin goed?

Erika: ‘Ja, dat ging meteen heel erg vanzelf.’

Joanne: ‘Ik moet wel zeggen dat ik me doorgaans iets passiever opstel dan bij andere collega’s. Toen ik net begon, ongeveer alles nog moest leren, heb ik vaak meegekeken bij haar, en ze weet alles ook gewoon beter! Ze is echt mijn voorbeeld.’

Erika: ‘Joanne durft mij wel de meest stevige feedback te geven. Wat ik fijn vind.’

Joanne: ‘Als dochter is dat ook makkelijker. En tegelijk irriteer ik me ook sneller omdat het mijn moeder is. Ik vraag ook sneller om hulp aan mijn moeder. We kunnen altijd alles naar elkaar uitspreken, zowel in onze privé- als werkrelatie.’

Joanne, waar is jouw moeder heel goed in?

Joanne: ‘Soms zijn casussen vastgelopen, mijn moeder weet dan altijd weer precies de juiste snaar te raken en daarmee meer begrip bij beide ouders te kweken, voor elkaar. Heel knap vind ik dat. Ze is ook goed in anderen zelf tot conclusies laten komen. Ik stel vaker rechtstreekse vragen of kauw voor hoe het zit.’

En Erika, waar is Joanne heel goed in?

Erika: ‘Wat ik vooral kan leren zijn de randvoorwaarden, ze is heel gestructureerd, ik een chaoot. Mijn mail is een puinhoop bijvoorbeeld. En werkinhoudelijk doet ze het ook heel goed. Ik kan verder van haar leren om mijn werk wat beter te begrenzen. Ik ga maar door en door.’

Ken of ben je zelf een psycholoog met nog een psycholoog in de familie, en lijkt het je leuk daarover te vertellen? Laat het ons weten via communicatie@psynip.nl.