Lees verder
Zwaarlijvigheid komt bovengemiddeld veel voor bij mensen met een lage opleiding en weinig inkomen. De bevolking van de stad Lausanne vormt daar geen uitzondering op. Maar de gebruikelijke verklaringsfactoren voor een ongezond gewicht vormen niet het hele verhaal.
Else de Jonge

Die constatering werd recent gedaan door Zwitserse onderzoekers, uit Lausanne en Genève. Zij vroegen zesduizend inwoners van Lausanne naar onder meer hun bmi, gezondheidstoestand, alcoholgebruik, opleidingsniveau en inkomen. Aan de hand van bmi – en adresgegevens maakten ze vervolgens een kaart van de stad waarop ze bmi tussen 20 en 25 – representatief voor een gezond gewicht – met een blauwe, en bmi’s van boven de 25 met een rode stip markeerden.
Waar de middenklasse-wijken in het oostelijke deel van de stad voornamelijk blauw kleurden, domineerde de rode stippen in de meer westelijk gelegen arbeidersbuurten. Toen de onderzoekers hun uitkomsten corrigeerden voor factoren als opleiding, gezondheid en inkomen, ontdekten ze tot hun verrassing dat die het grote verschil in bmi tussen beide stadsdelen niet volledig konden verklaren. De arbeiderswijk in het westen van de stad bleef grotendeels rood. Blijkbaar, zo constateerden de onderzoekers, zijn er nog andere factoren in het spel dan de gebruikelijke verklaringen voor een ongezond gewicht. Hun suggestie is dat de stedelijke omgeving daarop ook van invloed is. De gemiddeld dikkere bewoners van het westelijke stadsdeel van Lausanne leven bijvoorbeeld op grotere afstand van groene zones, beschikken over minder bewegingsruimte en kunnen gemakkelijker fastfood kopen dan de oostelijke stadsbewoners.
Aan opleidingsniveau en inkomen verander je niet zomaar wat, terwijl de inrichting van een stedelijke omgeving wel relatief gemakkelijk is aan te passen, zo redeneren de onderzoekers. Wellicht ligt hier een nieuwe ingang om het probleem van overgewicht te lijf te gaan. (EdJ)

Bron: Duruz, S. et al. (2016). Persistent spatial clusters of high body mass index in a Swiss urban population as revealed by the 5-year GeoCoLaus longitudinal study. British Medical Journal Open. doi:10.1136/bmjopen-2015-010145