Lees verder
Elke psychologiestudent kent de experimenten van Stanley Milgram. Zijn gehoorzaamheidsstudie wordt als onbetwiste klassieker behandeld in boeken over sociale psychologie. Dat er op zijn onderzoek van alles aan te merken is, staat er niet bij.
Iris Dijkstra

De kritiek op de experimenten van Milgram liegt er niet om. Al in de jaren zestig van de vorige eeuw, vlak nadat Milgram met zijn onderzoek op de proppen was gekomen, uitten wetenschappers hun zorgen over de methodologie en de generaliseerbaarheid van de resultaten. Onlangs zijn daar nog veel meer kritiekpunten bij gekomen. Zo zou na analyse van het ruwe onderzoeksmateriaal zijn gebleken dat de meerderheid van de proefpersonen helemaal niet zo gehoorzaam was. Milgram zou 23 experimenten hebben gedaan, maar alleen die experimenten hebben gerapporteerd die zijn gelijk bevestigden. Ook kun je je afvragen of Milgrams onderzoek wel een studie naar gehoorzaamheid aan autoriteit was. Het kan ook zijn dat de proefpersonen zich identificeerden met de proefleider en zijn onderzoek, en daarom meewerkten.

Zulke kritiek heeft de weg naar de psychologieboeken nog niet gevonden. Dat stuit de Amerikaanse Richard Griggs, emeritus-hoogleraar psychologie, tegen de borst. Hij vindt dat docenten meer aandacht aan de tekortkomingen van Milgrams onderzoek zouden moeten besteden. En daar geeft hij in zijn artikel de nodige munitie voor. (ID)

Bron: Griggs, R. (2017). Milgram’s Obedience Study: A contentious classic reinterpreted. Teaching of Psychology, 44(1), 32-37. DOI: 10.1177/0098628316677644