Samenvatting

Summary burn-out: facts and fiction

Schaufeli
A number of questions about burnout are posed that are relevant for the public date, and it is explored to what extend these questions can answered by research fi ndings. These questions are: What is burnout? Is burnout work related? Does the prevalence of burnout increase across time? Is the prevalence of burnout higher in the Netherlands than elsewhere? Among what kind of employees is burnout most prevalent? What is the duration of burnout? Is burnout a mental disorder? How can burnout be assessed? Does burnout diff er from depressive disorder? Are some people more at risk of burnout than others? Has burnout a biological basis? Is treatment of burnout eff ective? In how far do burnout victims return to work? It is concluded that a paradox exists between the extremely large number of scientifi c publications and our limited empirical knowledge. As a result, it seems that fi ction prevails over facts in the public debate about burnout. Three explanations for this paradox are given: (1) the nature of burnout is still unclear; (2) research focuses predominantly on mild burnout complaints rather than on burnout as a mental disorder; (3) the most relevant kind of research is also the most expensive and cumbersome. The paper closes with a call to return to the drawing board to re-defi ne and re-operationalize burnout.

Log in
Er wordt van alles en nog wat over burn-out beweerd. Maar wat klopt er nu wel en wat klopt er niet? Wat zijn de feiten en wat is fictie? Dit artikel van Wilmar Schaufeli komt voort uit twee gemoedstoestanden: irritatie over allerlei uitspraken over burn-out waar geen wetenschappelijke evidentie voor is en verbazing over het feit dat de wetenschap geen afdoende antwoord heeft op simpele, voor de hand liggende vragen. ‘Veel onderzoek en weinig antwoorden, dat zou men de paradox van het onderzoek naar burn-out kunnen noemen.’ Het is geen sinecure om in kort bestek het kaf van het koren te scheiden over burn-out. Volgens Google Scholar zijn er meer dan 94.000 publicaties over burn-out geschreven. PsyINFO komt uit op ruim 11.000 tijdschriftartikelen. Er is dus ruim acht keer zoveel over burn-out gepubliceerd wanneer ook boeken, rapporten en niet-Engelstalige publicaties worden meegeteld (Google Scholar), vergeleken met peer-reviewed Engelstalige tijdschriften (PsyINFO). Geen wonder dat er zoveel mythes rondom burn-out bestaan. Zo’n overstelpende hoeveelheid publicaties noopt tot het hanteren van een brede kwast in plaats van een penseel. Daarbij hanteer ik het perspectief van de professional en de geïnteresseerde leek in plaats van dat van de wetenschapper. Dat betekent ook dat ik niet uitbundig zal citeren maar me beperk tot de belangrijkste bronnen. Het is dus niet de bedoeling om ‘alles’ wat er in de wetenschap over burn-out bekend is in dit artikel samen te vatten. Dat zou ook onmogelijk zijn. In plaats daarvan zal ik een aantal voor de hand liggende vragen proberen te beantwoorden zoals journalisten die doorgaans aan mij stellen. Deze vragen kunnen in vijf groepen onderverdeeld worden, die betrekking hebben op het concept burn-out (1-2), de historische en maatschappelijke achtergrond (3-4), epidemiologie (5-6), diagnostiek (7-9), persoon en lichaam (10-11) en interventies (12-13).

1. Wat is een burn-out?

Er zijn veel verhandelingen geschreven over wat burn-out is en meestal wordt er geconstateerd dat de geleerden het er niet over eens zijn. Op de keper beschouwd klopt dat ook, want zoals gebruikelijk in de psychologie bestaan er ook over burn-out verschillende opvattingen. Wel zijn vriend en vijand het erover eens dat het om een mentale uitputtingstoestand gaat. Het debat spitst zich vooral toe op de ernst en de aard van de klachten. Het feit dat onder burn-out enerzijds tamelijk milde klachten worden verstaan waarvoor men niet noodzakelijkerwijs hoeft te verzuimen van het werk, en anderzijds een langdurige stoornis die het onmogelijk maakt om te werken, zorgt voor de nodige verwarring. Zo worden er vragenlijsten gebruikt die burn-outklachten meten bij in principe gezonde werknemers, bijvoorbeeld in het kader van het wettelijk verplichte Preventief Medisch Onderzoek. Het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) administreert echter het aantal burn-outgevallen door op basis van arbeidsuitval. En dat zijn dus…

Literatuurlijst
  1. Ahola, K., Hakanen, J., Perhoniemi, R. & Mutanen, P. (2014). Relationship between burnout and depressive symptoms: A study using the person- centered approach. Burnout Research, 1, 29–37.
  2. Ahola, K., Honkonen, T., Isometsä, E., Kalimo, R., Nykyri, E. et al. (2005). The relationship between job-related burnout and depressive disorders. Results from the Finnish Health 2000 Study. Journal of Affective Disorders, 88, 55–62.
  3. Ahola, K., Toppinen-Tanner, S. & Seppänen, J. (2017). Interventions to alleviate burnout symptoms and to support return to work among employees with burnout: Systematic review and meta-analysis. Burnout Research, 4, 1 –11.
  4. Alarcon, G., Eschleman, K.J. & Bowling, N. (2009). Relationships between personality variables and burnout: A meta-analysis. Work & Stress, 23, 244–263.
  5. Bianchi, R., Schonfeld, I.S. & Laurent, E. (2015). Burnout-depression overlap: A review. Clinical Psychology Review, 36, 28–41.
  6. Bianchi, R., Schonfeld, I.S. & Laurent, E. (2014). Is burnout a depressive disorder? A reexamination with special focus on atypical depression. International Journal of Stress Management, 21, 307-324.
  7. Danhof-Pont, M.B., van Veen, T. & Zitman, F.G. (2011). Biomarkers in burnout: A systematic review. Journal of Psychosomatic Research, 70, 505–524.
  8. Dreison, K.C., Luther, L., Bonfl is, K.A., Sliter, M.T., McGrew, J.H., & Salyers, M.P. (2018). Job burnout in mental health providers: A meta-analysis of 35 years of intervention. Journal of Occupational Health Psychology, 23, 18-30.
  9. Hakanen, J.J. & Schaufeli, W.B. (2012). Do burnout and work engagement predict depressive symptoms and life satisfaction? A three-wave seven- year prospective study. Journal of Affective Disorders, 141, 415–424.
  10. Hirschfeld, R.M.A. (2001). The comorbidity of major depression and anxiety disorders: Recognition and management in primary care. Journal of Clinical Psychiatry, 3, 244–254.
  11. Iancu, A.E., Rusu, A., Măroiu, C., Păcurar, R. & Maricuțoiu, L.P. (in druk). The effectiveness of interventions aimed at reducing teacher burnout: A meta-analysis. Educational Psychology.
  12. Kant, IJ., Jansen, N.W.H., van Amelsfoort, L.G.P.M., Mohren, D.C.L. & Swean, G.M.H. (2004). Burnout in de werkende bevolking . Resultaten van de Maastrichtse Cohort Studie. Gedrag & Organisatie, 17, 5–17.
  13. van Luijtelaar, G., Verbraak, M., van den Bunt, M., Keijsers, G. & Arns, M. (2010). EEG fi ndings in burnout patients. The Journal of Neuropsychiatry and Clinical Neurosciences, 22, 208–217.
  14. Mairiaux, P., Schippers, N., De Cia, J., Panda, J.P., Breackman, L. & Hansez, I. (2012). Prevalence of burnout among Belgian workers assessed through the occupational healthcare system. 30th International Congress on Occupational Health. Cancún, Mexico.
  15. Maricuţoiu, L.P., Sava, F.A. & Butta, O. (2014). The effectiveness of controlled interventions on employees’ burnout: A meta-analysis. Journal of Occupational and Organizational Psychology, 89, 1–27. Maslach, Ch., Leiter, M.P. & Jackson, S. (2017).
  16. Maslach Burnout Inventory – Test manual (4th. Ed.). Menlo Park, USA: Mind Garden Inc.
  17. Mohren D.C., Swaen, G.M., Kant IJ., van Amelsfoort, L., Born, P. & Galema, J. (2003). Common infections and the role of burnout in a Dutch working population. Journal of Psychosomatic Research 55, 201–208.
  18. Norlund, S., Reuterwall, C., Höög, J., Lindahl, B., Janlert, U. & Birgander, L.S. (2010). Burnout, working conditions and gender: Results from the northern Sweden MONICA Study. BMC Public Health, 10, 326.
  19. Ormel, J., Rosmalen, J. & Farmer, A. (2004). Neuroticism: A non-informative marker of vulnerability to psychopathology. Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology, 39, 906–912.
  20. Perski, O., Grossi, G., Perski, A. & Niemi, M. (2017). A systematic review and meta-analysis of tertiary interventions in clinical burnout. Scandinavian Journal of Psychology, 58, 551–561.
  21. Plieger, T., Melchers, M., Montag, C., Meermann, R. & Reuter, M. (2015). Life stress as potential risk factor for depression and burnout. Burnout Research, 2, 19–24.
  22. Roelen, C.A.M., Van Hoffen, M.F.A., Groothoff, J.W., De Bruin, J., Schaufeli, W.B. & Van Rhenen, W. (2015). Can the Maslach Burnout Questionnaire and the Utrecht Work Engagement Scale be used to screen for risk of long-term sickness absence? International Achieves for Occupational and Environmental Health, 88, 467–475.
  23. Schaufeli, W.B. (2017). Burnout: A short socio-cultural history. In S. Neckel, A.K. Schaffner & G. Wagner (Eds.), Burnout, fatigue, exhaustion: An interdisciplinary perspective on an modern affliction (pp. 105-127). Cham: Springer.
  24. Schaufeli, W.B. & van Dierendonck, D. (2000) Handleiding van de Utrechtse Burnout Schaal (UBOS). Lisse: Swets & Zeitlinger.
  25. Sluiter, J.K., De Groene, J. & Nieuwenhuijsen, K. (2013). Burnout als beroepsziekte. Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken, 29, 279–286.
  26. Smulders, P., Houtman, I., Rijssen, J. van & Mol, M. (2013). Burnout: Trends, internationale verschillen, determinanten en effecten, Tijdschrift voor Arbeidsvraagstukken, 29, 258–278.
  27. Tei, S., Becker, C., Kawada, R., Fujino, J., Jankowski, K.F. et al. (2014). Can we predict burnout severity from empathy-related brain activity? Translational Psychiatry, 4(6), e393.
  28. Toppinen-Tanner, S., Ahola, K., Koskinen, A. & Väänänen, A. (2009). Burnout predicts hospitalization for mental and cardiovascular disorders: 10-year prospective results from industrial sector. Stress and Health, 25, 287–296.