Log in
Psychologie studeren voelde voor mij als de enige logische studiekeuze. Ik ben begaan met mensen met psychische problemen en weet bovendien dat er iets aan te doen is. Ik wist daarom al snel dat ik de klinische kant op wilde. Maar tussen de wetenschap of de praktijk kon ik niet goed kiezen. Ik wil mensen helpen, maar ben ook gefascineerd door meer theoretische vragen als: waarom ontwikkelt de een die iets heftigs meemaakt een psychische stoornis en de ander niet?
Geertje Kindermans

Aanvankelijk was ik ook gebiologeerd door neuropsychologie. Daarin heb ik een minor gevolgd. Heel interessant. Vooral het snijzaalpracticum bij de medische faculteit is me bijgebleven. De medewerker van de snijzaal stond er niet bij stil dat psychologiestudenten niet gewend zijn lijken te zien. Aan het begin van dat practicum trok hij een gordijntje opzij en riep ons bij zich. Daar lag een dode op zijn buik, zijn lichaam was opengemaakt. De medewerker legde uit welke zenuwen je kon zien lopen. Iedereen trok wit weg, maar zette een pokerface op. Ook ik wilde me niet laten kennen. Achteraf hebben we er wel om moeten lachen en het maakte in ieder geval indruk. Mijn fascinatie voor neuropsychologie werd in de loop van de studie wel iets minder. Als je iets in de hersenen kunt aanwijzen, is het daarmee nog niet verklaard. Vergelijk het met iemand die heel sterk is. Dan kun je zeggen: ‘Dat komt omdat hij veel spiermassa heeft.’ Maar dat…