340 Weergaven
6 Downloads
Log in
Psychodiagnostiek behoort tot de kroonjuwelen van ons vak, schrijven Harald Merckelbach en Brechje Dandachi-FitzGerald. Des te meer reden om eens stil te staan bij de valkuilen waarin de psychodiagnosticus kan tuimelen. Zoals de neiging om opdrachtgevers of verwijzers ter wille te zijn. Over deze en andere valkuilen gaat dit artikel. ‘Goede diagnostiek vereist tenminste dat een psycholoog het met zichzelf en met competente vakgenoten eens is.’

Is kandidaat X geschikt voor deze baan? Heeft leerling Y faalangst? En lijdt patiënt Z aan een depressie? Met psychodiagnostiek laten zich zulke vragen beantwoorden. Psychodiagnostiek wordt hier in ruime zin begrepen: alles wat psychologen uit hun gereedschapskist halen om tot gefundeerde uitspraken over personen te komen. Zo bezien behoort psychodiagnostiek tot de kern van de psychologie. Ook al omdat men in het maatschappelijk verkeer voortdurend van psychologen verlangt dat zij bruikbare en gezaghebbende oordelen vellen: over sollicitanten, leerlingen, patiënten, justitiabelen en nog zo wat groepen. Psychologen lijken vaak goed aan die wens te kunnen voldoen.

Het zou ook eenvoudig zijn om hier nu een catalogus van psychodiagnostische triomfen te ontvouwen. Daarin past bijvoorbeeld het relaas van de jongen die in een instelling voor kinderen met een verstandelijke beperking werd geplaatst, maar vervolgens op een IQ-test 108 scoorde. Waarna hij de instelling kon verlaten en in de gelegenheid werd gesteld om een middelbare beroepsopleiding te volgen.1

1. Zie: Merel van Leeuwen. Gevangen tussen zwakbegaafden. De Limburger 18 februari 2014.

2. Zouden zulke gouden standaarden er wel zijn, dan was psychodiagnostiek overbodig. Het is precies de afwezigheid van obligate standaarden die de validiteit van psychodiagnostiek tot zo’n lastig thema maakt.

3. Zowel consistentie (r) als consensus (k) variëren tussen de 0 (hoogst inconsistent en geen consensus) en de 1 (perfecte consistentie, volledige consensus). De opvattingen over afkappunten voor aanvaardbare consistentie en consensus lopen uiteen, maar vaak wordt de ondergrens gelegd bij r> 0.70 en k >0.40.

4. Consistentie en consensus van effectenhandelaren: <.40 en 0.32. Die van meteorologen: 0.98 en 0.95. Overigens: de statistieken van Kraemer et al. (2012) over consistentie en consensus van medici en hun diagnoses zijn iets, maar niet heel veel beter dan die van psychologen.

5. Een handboek over psychologische diagnostiek in de gezondheidszorg (Luteijn & Barelds, 2018, p. 25) zegt bijvoorbeeld: ‘Bij de analyse van de aanmelding benut de diagnosticus dossiergegevens, zoals verslagen van eerder psychodiagnostisch of medisch onderzoek, en informatie uit bronnen zoals school, werk, gezin en instituten (zoals de rechtbank).’

6. Zie voor een experimentele demonstratie hiervan: Weine en Kim (2018).

7. Bij wijze van voorbeeld: Parker, Hanson & Hunsley (1988) middelden geschatte coëfficiënten voor consistentie en consensus voor veel gebruikte tests (zoals de mmpi en wais) en vonden waardes van ruim boven de 0.80.

9. Hoe anders is dat bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk, waar de British Psychological Society het belang van symptoomvaliditeitstests benadrukt in een beleidsdocument: British Psychological Society (2009). Assessment of effort in clinical testing of cognitive functioning in adults.

10. Zie voor deze Drie Perspectieven Persoonlijkheids Questionnaire (3PPQ): https://3ppq.nl.

11. Volledigheidshalve merken we op dat de eerder genoemde Willem Hofstee (2009) zich al veel eerder en uitvoeriger heeft uitgelaten over consequentiële validiteit.

12. Deze effectgrootte is volgens de gebruikelijke standaarden gemiddeld, maar daar staat tegenover dat de interventie uit niet meer dan drie sessies bestond.

13. Zie daarover Vittorio Busato: ‘Vulgariserende wetenschap.’ Metro 11 april 2018.

14. Zie daarover Anne Vegterlo: ‘Zit de baan in je genen?’ NRC Handelsblad 2 november 2014. Het motto van Braincompass is trouwens: ‘inzicht in jouw biologische identiteit begint met inzicht in jouw DNA’.

15. Zie daarover Harald Merckelbach: ‘Wie bluft mag dokter worden.’ NRC Handelsblad 28 februari 2015.

Literatuurlijst

  1. Agelink van Rentergem, J. (2018). Statistical advances in neuropsychology. Amsterdam, UvA proefschrift.
  2. Baca-Garcia, E., Perez-Rodriguez, M.M., Basurte-Villamor, I., Del Moral, A.L.F., Jimenez-Arriero, M.A. et al. (2007). Diagnostic stability of psychiatric disorders in clinical practice. British Journal of Psychiatry, 190, 210-216.
  3. Baron, K.G., Abbott, S., Jao, N., Manalo, N. & Mullen, R. (2017). Orthosomnia: Are some patients taking the quantifi ed self too far? Journal of Clinical Sleep Medicine, 13, 351-354.
  4. Binder, L.M., Iverson, G.L. & Brooks, B.L. (2009). To err is human: “Abnormal” neuropsychological scores and variability are common in healthy adults. Archives of Clinical Neuropsychology, 24, 31-26.
  5. Block, A.R., Ohnmeiss, D.D., Guyer, R.D., Rashbaum, R.F. & Hochschuler, S.H. (2001). The use of presurgical psychological screening to predict the outcome of spine surgery. The Spine Journal, 1, 274-282.
  6. Bornstein, R.F. (2017). Evidence-based psychological assessment. Journal of Personality Assessment, 99, 435-445.
  7. Chmielewski, M., Clark, L.A., Bagby, R.M. & Watson, D. (2015). Method matters: Understanding diagnostic reliability in DSM-IV and DSM-5. Journal of Abnormal Psychology, 124, 764-769.
  8. DeFife, J.A., Peart, J., Bradley, B., Ressler, K., Drill, R. & Westen, D. (2013). Validity of prototype diagnosis for mood and anxiety disorders. JAMA Psychiatry, 70, 140-148.
  9. Draaisma, D. (2016). Als mijn geheugen me niet bedriegt. Groningen: Historische Uitgeverij.
  10. Eurelings, L.S.M. & Van Os, J. (2018). Medicalisering en ondoelmatige zorg in de GGZ: De rol van stoornisgericht denken en vergoeden. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 162, D 3534.
  11. Finn, S.E. (2007). In our clients’ shoes, theory and techniques of therapeutic assessment. New York: Routledge.
  12. Flores, A., Cobos, P.L. & Hagmayer, Y. (2018). The diagnosis of mental disorders is infl uenced by automatic causal reasoning. Clinical Psychological Science, 6, 177-188.
  13. Freedman, R., Lewis, D.A., Michels, R., Pine, D.S., Schultz, S.K. et al. (2013). The initial field trials of DSM-5: new blooms and old thorns. American Journal of Psychiatry, 170, 1-5.
  14. Garb, H.N. (2005). Clinical judgment and decision making. Annual Review of Clinical Psychology, 1, 67-89.
  15. Griffith, R.L., Chmielowski, T. & Yoshita, Y. (2007). Do applicants fake? An examination of the frequency of applicant faking behavior. Personnel Review, 36, 341-355.
  16. Hofstee, W.K.B. (1994). Who should own the defi nition of personality? European Journal of Personality, 8, 149-162.
  17. Hofstee, W.K.B. (2009). Restyling personality assessments. In L.B. Palcroft & M. V. Lopez (Eds), Personality assessment: New research (pp. 223- 235). Hauppauge, NY: Nova Science Publishers.
  18. Hofstee, W.K.B., Mosterman, I., Hendriks, J., Kiers, H. & Brokken, F. (2018). Persoonlijkheid in drie perspectieven: Een instrument. De Psycholoog, 53, 50-51.
  19. Kraemer, H.C., Kupfer, D.J., Clarke, D.E., Narrow, W.E. & Regier, D.A. (2012). DSM-5: how reliable is reliable enough? American Journal of Psychiatry, 169, 13-15.
  20. Lilienfeld, S.O., Garb, H.N. & Wood, J.M. (2011). Unresolved questions concerning the e“ ectiveness of psychological assessment as a therapeutic intervention: Comment on Poston and Hanson (2010). Psychological Assessment, 23, 1047-1055.
  21. Luteijn, F. & Barelds, D. (2018). Psychologische diagnostiek in de gezondheidszorg. Hoofddorp: Boom.
  22. Merckelbach, H. (2015). Vijf mythes over simulanten: En waarom we ze geloven. De Psycholoog, 50, 11-19.
  23. Merckelbach, H., Dalsklev, M., van Helvoort, D., Boskovic, I. & Otgaar, H. (2018). Symptom self-reports are susceptible to misinformation. Psychology of Consciousness: Theory, Research, and Practice, 5, 384-397.
  24. Meyer, J.F., Faust, K.A., Faust, D., Baker, A.M. & Cook, N.E. (2013). Careless and random responding on clinical and research measures in the addictions: A concerning problem and investigation of their detection. International Journal of Mental Health and Addiction, 11, 292-306.
  25. Meyer, G.J., Finn, S.E., Eyde, L.D., Kay, G.G., Moreland, K.L. et al. (2001). Psychological testing and psychological assessment: A review of evidence and issues. American Psychologist, 56, 128-165.
  26. Mokros, A., Habermeyer, E. & Küchenhoff, H. (2018). The uncertainty of psychological and psychiatric diagnoses. Psychological Assessment, 30, 556.
  27. Mosterman, R.M. & Hendriks, A.J. (2011). Self–other disagreement in personality assessment: Signifi cance and prognostic value. Clinical Psychology & Psychotherapy, 18, 159-171.
  28. Parker, K.C., Hanson, R.K. & Hunsley, J. (1988). MMPI, Rorschach, and WAIS: A meta-analytic comparison of reliability, stability, and validity. Psychological Bulletin, 103, 367.
  29. Poston, J.M. & Hanson, W.E. (2010). Meta-analysis of psychological assessment as a therapeutic intervention. Psychological Assessment, 22, 203-212.
  30. Proglera, Y. (2009). Mental illness and social stigma: notes on “How Mad Are You?” Journal of Research in Medical Sciences, 14, 331-334
  31. Richards, P.M., Geiger, J.A. & Tussey, C.M. (2015). The dirty dozen: 12 sources of bias in forensic neuropsychology with ways to mitigate. Psychological Injury and Law, 8, 265-280.
  32. Schilders, M.R. & Ogloff, J.R. (2017). Stability of life-time psychiatric diagnoses among offenders in community and prison settings. Journal of Forensic Psychiatry & Psychology, 28, 133-154.
  33. Scott, K. & Lewis, C.C. (2015). Using measurement-based care to enhance any treatment. Cognitive and Behavioral Practice, 22, 49-59.
  34. Smith, J.D., Eichler, W.C., Norman, K.R. & Smith, S.R. (2015). The effectiveness of collaborative/therapeutic assessment for psychotherapy consultation: a pragmatic replicated single-case study. Journal of Personality Assessment, 97, 261-270.
  35. Spaanjaars, N.L., Groenier, M., van de Ven, M.O. & Witteman, C.L. (2015). Experience and diagnostic anchors in referral letters. European Journal of Psychological Assessment, 31, 280-286.
  36. Thomas, R.P. & Lawrence, A. (2018). Assessment of expert performance compared across professional domains. Journal of Applied Research in Memory and Cognition, 7, 167-176.
  37. Tiemens, B., Wagenvoorde, R. & Witteman, C. (2018). Waarom iedere psycholoog de regel van Bayes moet kennen. GZ-psychologie, 3, 17-23.
  38. Timmermans, M. (2018). Herstel. De Psychiater, augustus, 10-12.
  39. Van Helvoort, D., Otgaar, H. & Merckelbach, H. (2019). Worsening of selfreported symptoms through suggestive feedback. Clinical Psychological Science, in druk.
  40. Vanheule, S., Desmet, M., Meganck, R., Inslegers, R., Willemsen, J. et al. (2014). Reliability in psychiatric diagnosis with the DSM: old wine in new barrels. Psychotherapy and Psychosomatics, 83, 313-314.
  41. von dem Knesebeck, O., Bönte, M., Siegrist, J., Marceau, L., Link, C. & Mc- Kinlay, J. (2010). Diagnose und Therapie einer Depression im höheren Lebensalter–Einflüsse von Patienten-und Arztmerkmalen. Psychotherapie, Psychosomatik, Medizinische Psychologie, 60, 98-103.
  42. Wedding, D. & Faust, D. (1989). Clinical judgment and decision making in neuropsychology. Archives of Clinical Neuropsychology, 4, 233-265.
  43. Weine, E.R. & Kim, N.S. (in druk). Systematic distortions in clinicians’ memories for client cases: Increasing causal coherence. Journal of Experimental Psychology: Learning, Memory, and Cognition.